Wacht en wachten

Geschreven door Chris op 14 april 2012


LONDEN – Nog eerder dan alle dagen ervoor ging de wekker. Niet zo vroeg als maandag, maar toch ontzettend vroeg. Met dubbele snelheid hebben we het welbekende ochtendritueel uitgevoerd. Het ontbijt ging ten gunste van onze darmflora niet op dubbele snelheid naar binnen. Toch had ik buikpijn, maar waar dat nou aan lag. Het water? Het brood. Of gewoon mijzelf? Wie zal het zeggen.

Vandaag maakte we niet dezelfde fout als dinsdag, we wisten meteen op te stappen aan de goede kant van de weg. We moesten alleen overstappen op Marble Arch. Maar dat leek ons geen punt. Dus zo gezegd, zo gedaan. We stapte op bij Paddington en stapte uit bij Marble Arch. Heel leuk, maar nu kwam het wel bekende probleem weer aan de orde. Welke kant van de weg moeten we overstappen?

We staken over en vroegen het aan een vrouw. Die verwees ons leuk naar de overkant. De kant waar we net vandaan kwamen. Zuchtend liep ik weer terug. Daar stond een donker meisje die ons doodleuk wist te vertellen dat we net de bus gemist hadden. Dus konden we wachten. Gelukkig kwam bus 414 al gauw.

Zoals iedere keer kwam de volautomatische loopplank weer naar buiten. De rolstoel met Maaike erin duwde ik naar binnen. Tot onze grote teleurstelling stond een vrouw met een buggy op de rolstoelplaats. We keken even ongemakkelijk om ons heen. Waar moest die rolstoel nu naartoe? Toen gebeurde er iets wat je in Nederland in je hele leven nooit zal zien.

De vrouw liep met buggy en al de bus uit en maakte plaats vrij voor Maaike en mij. Mijn mond viel open, nog verder dan die van Maaike. Instappen deed ze niet meer. “Ik neem de volgende bus.”, zei ze tegen haar reisgenoten en zwaaide ze uit. De deuren sloten en de bus begon te rijden. De donkere vrouw met haar kind in de buggy verdween uit het zicht.

Iedereen in de bus wilde weten waar we heen gingen. “Hyde Park Corner”, antwoordde ik. Een andere vrouw gaf het netjes door aan de buschauffeur. Zo beleefd en vriendelijk heb ik mensen nooit zien doen. Een zwerverachtige man zei dat de volgende stop Hyde Park Corner was. We vonden het wat snel, maar wie zijn wij in het grote London.

Dus bij de volgende stop wilde we de bus uit, maar het leek niet eens op een Corner van Hyde Park. Een model vroeg ons waar we heen moesten. Toen ze de bestemming hoorde, schudde ze haar hoofd. “Two more stops to go”, zei ze en checkte nog even bij de buschauffeur. Uiteindelijk kwamen we goed terecht. Als we de Londense mensen toch niet hadden …

Vanaf het hoekje van het verstopte park zijn we naar Buckingham Palace gelopen. We stonden om tien uur voor het metalen hek. Met het hoofd tussen de spijlen hebben we anderhalf uur staan kijken naar een mannetje die er de wacht hield. Om de tien minuten maakte hij een vooraf ingestudeerd wandelingetje. Allemaal heel spannend, maar zo pijnlijk. Ik kon niet meer staan.

Mijn benen deden zeer, mijn rug wilde niet meer. Pas tegen half twaalf kwamen er meer mannen op het grote plein achter het hek. Iets later werden ze vergezeld door een orkest. Heel officieel. Maar met een dikke knipoog. Want wat we hoorde was echt te hilarisch voor woorden. De officiële trompettisten van het Britse koningshuis speelde gewoon de begintune van Star Wars. Lachen.

Iets na twaalf uur was de wacht gewisseld en hield iedereen het voor gezien. Het publiek taaide af. Even leek alles vast te lopen. Gelukkig waren we snel weer aan de overkant van de weg. Daar groette ons een heel pittoresk parkje. We groette terug en liepen er aan voorbij. Na tien minuten waren we weer bij de bus. Beide moesten heel erg nodig plassen.

Gelukkig waren we snel met de bus op Marble Arch, vlakbij Oxfort Street. In een zijstraat hebben we gegeten bij de Subway. Heerlijke broodjes waren het, alleen de sla viel mij niet helemaal goed. Allergie he? Nadat we ons vol gestopt hadden, zagen we dat er nog veel tijd over was. HEEL VEEL tijd.

Nog een korte wandeling door Oxfort Street was het enige dat er nog op zat. We waren het er beiden over eens dat we beter een vlucht eerder hadden kunnen boeken. Maar gedane zaken nemen geen keer. Dus we maakten er maar het beste van. We kochten niets meer en na een klein uurtje waren we Oxfort Street ook zat.

Er was nog veel tijd over, dus we hadden de vrijheid om nog lekker door het park te wandelen. Heerlijk onder de bomen met teken door. Om vervolgens gebeten te worden, ziek te worden en uiteindelijk eindigen met een verlamming. Teken zijn venijnig, dus je weet het nooit met beplanting. We waren op onze hoede.

Alles verliep goed, maar we waren knetters vroeg weer terug bij het hotel. In onze enthousiasme besloten we gewoon naar het vliegveld te gaan. Een uurtje of twee eerder moest ook niets uitmaken, dachten we. Nou we hebben het geweten. Saai was het. Saai! Niet normaal. Heatrow is bijna nog erger dan Airoporto Barcelona. De verveling sloeg al naar vijf minuten toe.

Maar voor die tijd hebben we ook veel doorstaan. Ten eerst moesten we bij Paddington Station weer beneden zien te komen. Vier trappen af met een overvolle rolstoel is geen lolletje. Het was ongelooflijk zwaar en onhandig. En ik had het zo heet. Het zweet gutste van mijn kop. Ik was zo blij dat ik in de tram zat. Bleek het de verkeerde te zijn.

Gelukkig konden we er op Bayswater Road weer uit en konden we zo overstappen op de Wimbeldon-lijn naar Heathrow Terminal 1,2,3.  Mijn oogleden werden na de overstap op het rolstoelvriendelijke Earl’s Court ontzettend zwaar en ik sloot ze dus. Daarom ging de reis ook ontzettend snel.

Bij Heathrow was geen lift te bekennen. Na een korte wandeling vonden we een hulpknop.  Deze drukte we in, maar het bleef rustig. Ook na de tweede keer drukken kwam er niemand. Maaike keek op haar horloge. “Desnoods gaan we met de roltrap”, zei ze ongeduldig. “Dat wil toch niet?”, antwoordde ik. “Als het niet anders kan.” Maaike drukte weer op de knop. Nog steeds geen reactie.

Intussen zag ik een reclameposter van Girls Aloud en die moest ik even op de foto zetten. Niet alleen voor mijzelf, maar ook voor Bas. Die zou dat vast leuk vinden, dacht ik.  Maaike drukte nog eens op de knop. We vroegen ons af of we iets verkeerde hadden gedaan , totdat…

“De mensen die om hulp gevraagd hebben, heb even geduld alstublieft. Er komt zo iemand om u te helpen.”, donderde er door de hal. Maaike en ik keken elkaar aan. Wat dat nou voor ons? We knikten. Uit de tas van Maaike pakte ik haar camera en zette de poster van Girls Aloud op de foto. Niet veel later kwam een vriendelijke blonde jongeman ons helpen.

In de lift probeerde hij een gesprek met ons aan te knopen.
“Where are you going to?”“
We’re going home.”, antwoordde Maaike.
“Amsterdam.”, voegde ik er snel aan toe. Hij weet toch niet waar home is. Maar we wonen ook niet Amsterdam bedacht ik mij. Maar goed, Nederland of Apeldoorn zullen ze waarschijnlijk net als de Amerikanen niet kennen. Het wel bekende antwoord kwam ook dit keer uit zijn mond.
“Oh, Amsterdam. I’ve been there once.. blabla.”

Al snel lieten we hem achter en volgende onze eigen weg.  Met vier zware tassen slenterden we uitgeput door de aankomsthal. Net als in Barcelona was er vrij weinig te doen, dus we ploften neer aan een tafel. We dronken en we aten wat. Dat hielden we een half uur vol, dus we moesten nog anderhalf uur vullen. We werden steeds meer vermoeid.

Tegen half zes stonden we in de rij bij BMI om de koffers in te checken. Toen we bijna aan de beurt waren, bleek dat we in de verkeerde rij stonden. Gelukkig konden we zo doorlopen naar de andere rij. Daar stond een vent aan de balie, dat wil je niet weten.

De tijd die hij nodig had om in te checken. Verschrikkelijk.  Er kwam geen einde aan.  Na een kwartier waren wij eindelijk aan de beurt. Meteen heb ik mijn oordeel bij moeten stellen. Het was niet de man die niet snel was, maar de baliemedewerkster. We hebben uiteindelijk wel een half uur aan de balie gestaan voordat de koffers op de bagageband mochten.

Met lede ogen keek ik toe hoe ze aan het klungelen was. Oh, oh, oh.  Na het inchecken gingen we langs de Douane. Net als op schiphol werden we gecontroleerd. Dit keer moesten ook de schoenen aan. Natuurlijk had ik weer die superhandige All Stars aan. Na wat geklungel had ik mijn schoen uit, waren we goed gekeurd en kom ik mijn schoenen weer aantrekken.

Het Gate-nummer was nog niet bekend, dus besloten we eerst te eten. Na een flinke zoektocht, bleek er geen McDonalds of Burger King op het vliegveld te zijn. Dat werd dus duur eten. Eerst probeerden we de pizzeria. Die zat vol en op een andere plek werden we niet bediend. Dus liepen we weer helemaal terug. Maaike uit de stoel, hopla de rolstoel weer in.

Uiteindelijk zijn we bij Grillrestaurant Giraffe in de rij gaan staan. Omdat de aardige lady van het vliegveld met de obers praatte, kregen we eerder een plekje. De prijzen waren hoog, maar we moesten iets toch. Een verse burger voor Maaike en een pittig rijstgerecht voor mij werden ons geserveerd. Het was veel en vulde heel goed.

We waren eerder klaar dan verwacht, dus gingen nog even shoppen. Maaike wilde nog haar kleingeld opmaken. Dus kocht ze voor 49 cent een zakje koekjes. De laatste cent kon ik dankzij een andere klant besteden aan een hele bus Pringles (The second one just for one penny). Om kwart voor acht werd het Gate-nummer omgeroepen. Op dat moment zaten we beiden op het toilet. We vlogen uit hokjes en scheurden naar de Gate.

Het was een vrij steile helling, dus ik kroop voor. Het duurde even voor we verder mochten lopen. Toen het moment daar was, viel mijn mond open. Nog een controle. Gelukkig hoefde de schoenen nu niet uit. Iedereen werd voor de tweede keer gecheckt. Na een kwartier ofzo, mochten we weer als eerste het vliegtuig in. Helaas moesten we nog weer wachten voor de deur. Het personeel deed een laatste check up.

Net als de heenweg stroomde het vliegtuig vol.  De vlucht beviel Maaike wel beter, alleen was er wel een puntje van ergernis. Weer die verrekte Chinezen. Tijdens het opstijgen ging een Chinees kind zo uit haar stoel en wilde naar de WC. Vervolgens hield ze haar iPod aan, terwijl dat niet mocht. Iedere regel lapten ze aan hun laars.  Het begon op een geven moment echt vervelend te worden.

De vlucht en landing gingen prima. Omdat Heathrow een drukbezette luchthaven was, hadden we wel een beetje vertraging. Toen Maaike in Nederland haar rolstoel terug kreeg miste ze een rem. Gelukkig kreeg ze die met een kwartier weer terug. We waren al blij zat dat ie niet nog in London lag. In de bagage claim zagen we gelijk onze koffers en met vijf minuten stonden we oog in oog met de ouders van Maaike. Eindelijk, we konden naar huis.


Plaats een reactie

Velden gemarkeerd met een * zijn verplicht